Private View

Bij het festival hoort een uitgebreid programmaboekje dat door het GST en mezelf werd geschreven.

 

 

Philippe Grisar Psycholoog & Psychoanalyticus

... 0mdat iedereen anders is ...

Private View, een opera van Annelies Van Parys

 

Dit is geen recensie maar een beschouwing over kijken, voyeurisme en betekenis. Een echte recensie verscheen eerder op KC. Deze tekst is niets meer dan een Private View.

 

Philippe Grisar

 

Private View, zaterdag 23 mei 2015, de Vlaamse Opera in Gent, een opera van Annelies Van Parys i.s.m. 33 ⅓ Collective (video), Jen Hadfield (libretto) en Gaea Schoeters (scenario). Uitvoering: Tom Creed (regie), Asko|Schönberg Ensemble en Neue Vokalsolisten Stuttgart

 

matrijs

 

Op de trein naar huis schuiven de voorgevels van de Gentse buurtgemeenten voorbij. Ze staren me blind aan. Buiten de agglomeratie lijken de huizen hun rug te hebben gekeerd naar de forenzen alsof ze een inkijk gunnen: a rear view. Ik laat m’n blik over die stillevens glijden terwijl het vermoede lief-en-leed voorbij schuift met de snelheid van de trein. Mijn blik schrijft ongeïnteresseerd het leven van de anderen: fantasie en niet een handvol feiten, vormt de levens van de mensen om me heen.

Stel je de wijk of het appartementsgebouw voor waarin je leeft. Onwillekeurig ken je je buren, hun gewoonten en hun regelmaat. De rest van hun levens vul je maar in met bedenkingen en commentaar. ‘Ik heb een mening’, fluistert iemand. Je ziet hoe iedereen naast elkaar leeft en elkeen een eigen lotsbestemming draagt: doelloos eigenlijk. Het gluren naar de buren.

 

En als er iets gebeurt in de straat of op een gang, beginnen de vreemde gezichten met je praten. Iedereen blijkt reeds meer te weten: ik dacht het wel, ik wist het! Even krijgen de buren kleur en reliëf. Het leven krijgt betekenis als je je bij de anderen vervoegt. Je wordt deel van een groep, een ‘wij’. Luister en praat met hen en het leven heeft plots zin. Het ene woord brengt het andere mee en schept een waarheid waarvan men zich gretig bedient.

 

Als na het tumult de rust terugkeert, dwarrelt de gespreksstof neer. Later veegt men weer zwijgend en loerend voor eigen deur, bewust van Andermans blik. Zijn de anderen niet de matrijs die de leegte van ons bestaan vorm geeft?

Dit is in feite het verhaal van ‘Private View’: ‘voyeurisme’ met het publiek als Über-voyeur (perstekst). In de trailer van het origineel, Rear Window uit 1954, zegt Jeff, de kijker van dienst, in een terzijde: “I watched them just to kill time, but then I couldn’t take my eyes of them; just as you won’t be able to.”

Indeed, Jeff. En wij kijken naar jou; we worden je.

 

Naar het einde de opera confronteert de verteller me met een vervelende waarheid: “Are you enjoying the parade of people?” Of met een knipoog naar de Franse psychoanalyticus J. Lacan: ‘Are you enjoying? Enjoying the parade of signifiers.’ Of ‘Are you enjoying your private view?’

De verteller vervolgt de vermaning: “What you should do is stand outside your own house once in a while and look in.” In eigen huis kijken? Daar valt niet van te genieten, vraag het maar aan de neerslachtige medemens.

 

Het verhaal en het voyeurisme

 

Het verhaal van Private View is een muzikale triller, zo lezen we in de perstekst, die zich afspeelt binnen de besloten wereld van een flatgebouw. De personages die er wonen, hebben zich volledig teruggeplooid op zichzelf. Ze kennen hun buren nauwelijks.

 

Op een bloedhete zomerdag ergens in een Amerikaanse grootstad, gebeurt er een moord… Het brengt de bewoners samen maar, “kan gedeelde angst een bindmiddel zijn?”, vraag de tekst.

 

“Het verhaal werd opgehangen aan een aantal intrigerende personages die werden teruggebracht tijdens de productie tot ‘archetypes’.”

Ik noem het liever ‘karakters’ omdat ze herkenbaarder zijn dan de duivels en helden uit Jungs collectief onbewuste.

 

Er is het neurotische meisje, de eeuwig eenzame verleider, het extravagante jonge koppel en het ogenschijnlijk perfecte lesbische koppel. Daarnaast maar niet op de scène is er het eenzame oude vrouwtje, dat door niemand wordt opgemerkt, maar zelf alles observeert en de ‘onzichtbare’ klusjesman. Deze laatste is de enige die bij iedereen over de vloer komt en dus een idee heeft van wat zich werkelijk in de flats afspeelt.

 

Een klusjes man, de dokter van het gebouw, die in stilte de pijnlijke ongemakken wegneemt, is een goede vondst!

 

Drie studenten, die recent in het flatgebouw zijn ingetrokken botsten op een muur van onverschilligheid en achterdocht. Als de moord gebeurt, en de paranoia zich verspreidt door het gebouw, zijn het de drie studenten” die als detectives de misdaad willen ontrafelen.

 

Hoewel op voorhand goed geïnformeerd, was het een opdracht op het verhaal te volgen. Snicker-snack volgden de scènes op elkaar.

 

De muziek ondersteunt het hele stuk als een soms donkere soundscape. De compositie slaagt erin een soundtrack te zijn die de karakters draagt, ze oplicht. Het orkest en de zangers zetten het gebeuren precies neer, voor (letterlijk) grote videoschermen. De beelden zijn een collage uit oud Hollywood materiaal en nieuwe beelden die de tijd weergeven zoals hij er ervaren wordt: traag/snel, zoet/smerig (de klokradio, de smeltende interieurs, de oude schommelende man). Het is een intrigerend geheel.

 

Ik hengel naar betekenis en het libretto rijkt het aan maar, onvolledig want poëtisch. Ik volg mee met het verhaal in mijn achterhoofd. Ik behelp me met de flarden tekst, de beelden, de muziek en noodgedwongen met mijn verbeelding.

 

In Hitchcocks film keek ik door Jeff’s ogen. Zijn huiver werd de mijne en voor ik het weet maak ik deel uit van de kleine menigte waarmee hij zijn besognes deelt. Deze opera verplicht me zelf mijn blik te richten. Het effect is dubbel omdat ik niet geholpen wordt om in het verhaal op te gaan, integendeel. Ik huiver niet maar raak betrokken zoals een nieuwsgierige die achter het cordon de bezigheden van hulpdiensten en politie gade slaat: “What is that? Love-scream or war-cry?"

De mensen naast me – ik gluur in de zaal - kijken, luisteren maar onthouden zich van commentaar. In de zaal ontstaat geen taterende horde. Een echte voyeur gluurt alleen en in stilte: private.1

 

De puzzel legt zich ingenieus. Ik raak er niet helemaal wijs uit: De wasdraad, de wasdraad, wie stal de wasdraad!?2

 

Van Parys verklaart in een interview met Piet De Volder (dramaturg): “…, ook in de interactie van de karakters is er abstractie aan het werk, precies om een grotere afstandelijkheid in te bouwen, vergeleken met de oorspronkelijke film.” Ook de onderbrekingen door de Verteller – die dan nog door verschillende personages kan vertolk worden, beogen dit effect. Pffft, ik wil bediend worden.

 

Deze ingrepen van abstractie weerhouden het publiek om helemaal op te gaan in het stuk. Men ‘bindt’ zich niet met de ontaarde bewoners van het appartement.3 Het zorgen voor en dan wegnemen van ‘spanning’ heeft desondanks een bijzonder effect. De ene keer staar ik in het stuk en zijn karakters. Dan ben ik mee. En vervolgens ben ik de (was-)draad kwijt. Als de verteller me op het einde aanspreekt “Are you enjoying…”, twijfel ik. Het is alsof ik in de zoo naar de dieren kijk en zo’n beest fijntjes opmerkt dat ik me aan het kijken verlustig?

 

Ach, “We’re all maladjusted misfits, just like them.

 

Ik kon me niet identificeren met een rol, een karakter op de scène of een scherm. Het is dan lastig om het onheuse genoegen van dat kijken of gluren op me te nemen en het te delen zoals het doorgaans gaat. Bij Hitchcock diende ik na de film de huiver van me af te schuiven en terug te geven aan Jeff: het effect van de suspense. Private View houdt je meer op afstand zodat het een privaat genieten is. Een echte gluurder verlustigt zich aan zijn object en niet aan de smeuïge verhalen van de groep. Een voyeur geniet alleen en nu werd ik er een gefascineerd door muziek, beeld en woord. (U weet dat fascineren, samenbinden betekent)

 

Verbaasd en verbluft

 

Na de voorstelling bleef ik even verbaast zitten. Applaus. Het was knap, overweldigend. De magie van de opera knetterde nog. Wat had ik nu gemist? Wat heb ik gezien én gehoord?

Een goed half uur later op de trein kijk ik willekeurig naar de huizen en de tuintjes. Het is nog licht. De opera, niet meer dan vijf kwarturen, schuift in flarden voor mijn geestesoog; niet alleen de huizen. Jammer genoeg is het moeilijker voor me om de muziek vast te houden. Ik wil Private View nog eens zien, horen en meemaken. Het was verbluffend, verbazend maar ik was de wasdraad kwijt.

 

 

1. ‘Peeping tom’ verwijst expliciet naar het seksuele, zeg maar erotiserende, karakter van het gluren; net zoals voyeur of gluurder in het Nederlands. Het ‘seksuele’ genot van dat kijken behoeft geen (vrijende) lichamen. In se is de fantasie gerelateerd aan het sekse-verschil, man/vrouw. D.w.z dat wat het verschil uitmaakt: n.l. de breukstreep tussen man/vrouw. Dat is zoals de onderscheidende ‘0’ tussen negatief en positief; links/rechts; goed/kwaad. Het verwijst niet naar het ‘gender’. De echte voyeur begluurt nooit zijn ware object, dat is de onzichtbare breukstreep, maar een scène. De ‘Peeping Tom’ geniet van het tafereel, de spanning van het zich toegeëigende verboden genot. Kijken naar de levens van de anderen, wordt voyeuristisch op het moment dat het genot, een expliciet genoegen verschaft; een genot waarin men (even) kan verdwijnen. Anders is het kijken naar (en fantaseren over) anderen niet meer dan een dwaze blik in de spiegel waarin we onszelf (als beter?) ontwaren.

2. De studentenondekken dat de wasdraad verdwenen is: “We can not find the washing line.” En die zoektocht gaat wel even door.

3. Doorgaans presenteert men bij aanvang van een film of toneel de personages. Dat geeft het publiek de mogelijkheid zich te identificeren met (tenminste) één ervan. Daardoor ontstaat een liefdevolle betrokkenheid.

 

 

Private View

 

Compositie: Annelies Van Parys

Video en decorconcept : 33 ⅓ Collective

Libretto: Jen Hadfield

Scenario: Gaea Schoeters

Dirigent: Etienne Siebens

Regie: Tom Creed

Lichtontwerp: Peter Quasters;

Uitvoerders: Asko|Schönberg Ensemble: Neue Vocalsolisten Stuttgart: Johanna Zimmer, sopraan / Truike van der Poel, mezzo / Martin Nagy, tenor / Guillermo Anzorena, bariton/ Andreas Fischer, bass

 

Een productie van Muziektheater Transparant in coproductie met 33 ⅓ Collective, Asko|Schönberg, Operadagen Rotterdam, Concertgebouw Brugge, Deutsche Oper Berlin, National Opera Bergen en Les Théâtres de la Ville de Luxembourg.

Private View won de eerste Fedora – Rolf Liebermann prize for opera 2014

 

 

Biography:

 

The Goeyvaerts String Trio was founded in 1997 by violinist Kristien Roels, violist Kris Matthynssens and cellist Pieter Stas with the aim of performing twentieth- and twenty-first-century repertoire. The trio takes its name from the Belgian composer Karel Goeyvaerts, who played an important role in the development of new music in Europe. Besides playing existing works, the ensemble is active in commissioning new string trios.

 

A review on their fabulous cd with string trios of Schoenberg, Webern and Schnittke:

 

The energy that this approach generates is addictive, and from the listener's perspective a welcome counterweight to the anti-Romantic austerity that otherwise characterises the performance. ...

The sheer precision of the playing is palpable, the concentration on detail impressively conveying the composer's conviction that every note matters. MW-international, october 2010, Gavin Dixon

Philippe Grisar Vrouweneekhoekstraat 95 9100 Sint-Niklaas - Psycholoog - psychoanalyticus - psychotherapie voor kinderen, jongeren en volwassenen

Copyright © All Rights Reserved